INTRODUCTIE | NIEUWS | BRONSGIETEN | BRONZEN REPRODUCTIES | OVERIGE REPRODUCTIES | DE BOERDERIJ | BRONSTIJD METALEN | LINKS
Randbijl

Origineel
 
Vindplaats: Valthe
Ouderdom: 1800 BC

Dit was de enige afbeelding die ik had van deze bijl. Doordat er geen afmetingen bij waren vermeld, heb ik de grootte onderschat. Aanvankelijk dacht ik dat de bijl te zien in in Leiden dezelfde bijl was als hier, maar dat blijkt bij nader inzien een andere te zijn. De echte Valthe bijl, waarop de mijne is gebaseerd komt vrij aardig overeen kwa lengte (9.5 cm, mijn versie is 8,5 cm.), maar ong. twee keer zo dik. Dat het niet zo'n exacte kopie is, is niet zo erg aangezien het mijn eerste poging was. 
- Verbeterd op 3-2-2004

Gietmal
 
Materiaal: klei & zand

De mal was gemaakt van klei direct uit de grond vermengd met een gelijke hoeveelheid zand. De twee helften werden eerst gedroogd en nadat de klei voldoende stevig was heb ik de vorm van de bijl in beiden helften gekerfd. Daarvoor gebruikte ik een punt van gewei en stukjes vuursteen. Vanwege het zand is de vorm van de mal ruw van oppervlak. Aangezien klei zonder zand ook heel goed werkt en een veel gladder oppervlak geeft, zal ik dat voortaan gebruiken. De mal hier is na het gieten, en brak tijdens het vervoer terug.

Giet resultaat
 
De gieting was naar mijn mening volledig succesvol, en ook mijn eerste echte poging iets anders te gieten dan een paar klinknagels. Dus was ik bijzonder verast dat het was gelukt, helemaal aangezien zelfs de meest ervaren gieters maar eens in de zoveel gietingen een goed resultaat hebben. De mal was volledig gevuld, en de bijl heeft geheel geen luchtbellen of vervuilingen in het metaal. Tevens zijn de toevoer opvulling en de uitlopers niet te dik, zodat deze relatief gemakkelijk te verwijderen zijn. Aangezien dit mijn eerste succesvoller gieting is, ga ik deze natuurlijk authentiek afwerken.

Verwijdering van de toevoer en uitlopers
 
Hier is de bijl na de verwijdering van de toevoer en uitlopers. De toevoer was verwijderd door eerst aan beide kanten een groeve aan te brengen met een vuurstenen klingetje, en vervolgens met een paar harde klappen met een stuk gewei het eraf te breken. De uitlopers waren vervolgens plat gehammerd, ook met gewei, en er op door gehammerd tot het eraf brak. Wat ik er op die manier niet af kreeg verwijderde ik door het eraf te schuren met een ruw stuk vuursteen. Ook moest nog materiaal weg geschuurd worden doordat de twee helften niet exact overlapten. De bijl wacht nu op het uit hammeren van de snijkant.

Aanbrengen van de scherpe rand
 
De laatste stap aan de bijl zelf. Om de scherpe rand voldoende hardheid te geven, zodat hij goed scherp te maken en houden is, heb ik de rand uitgehammerd. Hiervoor gebruikte ik een platte steen, en een gladde kei als hammersteen. Na de rand gehammerd te hebben zover ik durfde te gaan (voordat het gaat scheuren), heb ik de rand op de platte steen scherp geslepen. De bijl is nu gereed om in het handvat te worden bevestigd.

Eerste deel van het handvat
 
Voor het handvat ben ik wat minder conventioneel te werk gegaan. Van een paar teruggevonden stelen, weten we dat de beilen in een L-vormige steel van essenhout, of taxushout werden gezet. Aangezien mijn bijl zeer licht is (60 gram), en het hout ook niet veel weegt, zou ik er weinig mee kunnen hakken. Dus heb ik een stuk gewei gebruikt om de bijl in te zetten, wat de kop van de bijl totaal zo'n drie keer zwaarder maakt. Tevens is gewei veel sterker dan hout, en splijt niet. Een andere wijziging is dat ik de bijl een kwartslag heb gedraaid, zodat het een dissel vormt. Dissels werden in de steentijd al gebruikt, waarschijnlijk voor het uithakken van kano's, houten bakken en dergelijke. Het stuk gewei heb ik bewerkt met mijn bronzen beitel. De holte waarin de houten steel word gestoken heb ik door een kombinatie van uitbranden (met gloeiende kooltjes en blazen) en uitsteken met de beitel uitgehold. Door het branded werd de poreuze kern bros, waardoor het veel makkelijker uit te hollen was. 

De komplete bijl
 
En hier is de bijl in volledig afgewerkte staat. Het stuk gewei is vastgeslagen op een essenhouten steel. De bijl is vastgezet met behulp van rauwe huid, dat bij het drogen krimpt en hard word. Ik heb er inmiddels al regelmatig mee gewerkt, zoals het passend maken van de stok voor de smeltkroezen uit het vuur te halen. Hij hakt zeer goed, en is zeer geschikt voor het kleinere hakwerk. Wat wel is gebleken is dat het gewei los komt van de houten steel. Dit had ik al enigszins verwacht, dus hier moet ik nog een verandering in aanbrengen. Ook de rauwe huid blijkt niet goed te werken. Het is namelijk glad en er zit geen rek in. Daardoor schuift het er zo vanaf. Een betere oplossing naar mijn mening zou leer zijn, dat veel meer grip heeft en ook rekt, waardoor het goed klemt. Zodra ik een keer aan leerlooien toekom zal ik dit vervangen. Gelukking blijft de bijl al goed in de schacht zitten zonder enige hulp van de omwikkeling, dus daar zit niet zo'n haast bij.